Voorleeswedstrijd

Waar moet je op letten?

Hoe lang mag het voorlezen duren?

Het voorlezen van de inleiding plus het fragment mag maximaal vijf minuten in beslag nemen.  Het minimum is drie minuten.                                                                  Een deelnemer kan in de voorbereiding het fragment rustig voorlezen en de tijd bijhouden. Soms kan te lang voorlezen reden zijn om niet door te mogen!

Wat zegt een deelnemer in de inleiding?

• Verplicht: titel van het boek, auteur (eventueel illustrator), en (heel kort!) wat er vooraf is gegaan aan het voorgelezen fragment zodat luisteraars snappen waar het verhaal over gaat. De deelnemer mag dit ook opschrijven en oplezen.

• Waarom hij/zij dit boek gekozen heeft en eigen naam, naam school en plaats. waar let de jury vooral op?

• Duidelijk en rustig spreken.

• Het publiek kunnen meeslepen in het verhaal.

• De juiste klemtonen.

• Contact met het publiek, af en toe de luisteraars aankijken.

• Eigen stem gebruiken. Een goede voorlezer blijft dicht bij zijn/haar eigen stem en gebruikt bijvoorbeeld kleine verschillen in tempo, leest iets harder of iets zachter om een sfeer of emotie duidelijk te maken.                               Het gebruik van stemmetjes is niet verboden maar wel een valkuil voor de meeste kinderen (zie ook: ‘Stemmetjes’)                                                                             • Niet schreeuwen.

• Geen toneelspel met (grote) gebaren.

• Af en toe verspreken is niet erg en wordt niet negatief beoordeeld.

Home